Welke kansen liggen er in bestaande woningen en wijken om de wooncrisis in Nederland te verlichten? Kunnen we woningen vaker delen of splitsen? En wat zou dat betekenen voor de Leidse Merenwijk, waar het aantal inwoners de afgelopen jaren aanzienlijk is gedaald? Deze vragen staan centraal tijdens de 35ste editie van het Stadscafé van RAP.
In Midi PLNT is op deze winteravond geen stoel onbezet. Bewoners van de Merenwijk, Leidenaren, architecten, onderzoekers en beleidsmakers zijn benieuwd naar de inzichten van architect Sanne van Manen, splitsingscoach Jan van Veer en architectuurhistorica Michelle Provoost over de vraag: hoe kan woningdelen of -splitsen bijdragen aan het oplossen van de woningnood?
Een van de bezoekers is architect Marcel van Dijk uit Oegstgeest. Voor hem is het zijn eerste Stadscafé. “Ik werk momenteel aan twee projecten rond woningsplitsing. Daarom ben ik benieuwd naar de nieuwste inzichten en verwachtingen,” vertelt hij vooraf.
Splitsen biedt kansen
Stedenbouwkundig supervisor Martin Verwoest opent de avond met een column (Martin Verwoest – Stadscafe Beter benutten bestaande bouw), zowel luchtig als scherp. “Kan woningsplitsing leiden tot een hernieuwde, sociaal verbonden en aantrekkelijke gemeenschap in de Merenwijk?”, vraagt hij zich af.
Architect Sanne van Manen van Platform Woonopgave vervolgt met een heldere presentatie: “Met alleen bouwen gaan we de woningnood niet oplossen.” Zij presenteert de belangrijkste bevindingen uit het rapport Beter benutten bestaande rijtjeswoningen, een studie in opdracht van het College van Rijksbouwmeester en Rijksadviseurs. De conclusie is duidelijk: door bestaande rijtjeswoningen beter te benutten en te splitsen, kan een deel van het woningtekort worden opgelost.
Woningdelen en splitsen biedt bovendien kansen om wijken te versterken, woningen te verduurzamen en sociale problemen – zoals eenzaamheid – aan te pakken. “Als slechts 5 procent van de bewoners van wijken zoals de Merenwijk bereid is hun woning te delen of te splitsen, dan is het acute probleem opgelost,” aldus Sanne.
Wordt de Merenwijk een voorbeeldwijk?
Het rapport is gemaakt in samenwerking met INTI en het International New Town Institute, opgericht door Michelle Provoost. Zij schetst tijdens het Stadscafé de historische context. “Veel wijken uit de jaren 60 en 70 zijn met de beste bedoelingen gebouwd. Het zijn rustige, stabiele omgevingen voor gezinnen. De Merenwijk is zo’n typische ‘bloemkoolwijk’.”
Bij de oplevering rond 1971 telde de wijk zo’n 21.000 bewoners. Twee generaties later zijn de kinderen vertrokken en bestaat de wijk grotendeels uit oudere één- en tweepersoonshuishoudens. Het inwoneraantal daalde naar 14.000, waardoor voorzieningen onder druk staan. “De wijk is toe aan een nieuwe impuls,” aldus Provoost.
Hoge drempels bij woningsplitsing
De drie sprekers zijn het over één ding eens: er liggen prachtige kansen als bewoners bereid zijn hun woning te delen. Sanne benadrukt dat het belangrijk is dat gemeenten actief de wijk in gaan om de bewonerswensen te peilen.
Splitsingscoach Jan van Veer wijst tegelijkertijd op de huidige obstakels. “Mensen die willen splitsen, lopen tegen veel drempels aan. Een goed plan strandt soms op parkeerbeleid of een afwijzende hypotheekverstrekker.” Toch ziet hij ook positieve ontwikkelingen: steeds vaker lukt het wel. “Gemeenten moeten vooral goede voorbeelden met elkaar delen.”
Het onderwerp leeft
Dat het onderwerp leeft, blijkt uit reacties uit de zaal. Een bewoonster van de Merenwijk wil haar woning best delen, maar weet niet waar ze moet beginnen. Een andere bewoner benadrukt dat het sociale karakter van de wijk nog altijd sterk aanwezig is: “Hier kijken buurtbewoners naar elkaar om.”
Architect Marcel van Dijk is na afloop tevreden over zijn eerste Stadscafé. “Splitsen of delen biedt echt veel kansen.” Hij heeft nog een tip voor gemeenten: “Laat bewoners geen leges betalen voor een splitsingsvergunning, maar geef juist subsidie als ze bijdragen aan het oplossen van de woningnood.”
Ook Sanne van Manen kijkt tevreden terug: “Erg leuk dat er zoveel bewoners uit de Merenwijk aanwezig waren. Door hun trots op de wijk, de sterke sociale cohesie die er al is en hun open houding tegenover woningdelen en -splitsen, denk ik nu nog meer dat de Merenwijk een mooie plek is om samen met de bewoners die dat willen aan de slag te gaan.”